Honden leven!

Soms krijg ik bezoek. In het begin kwam ik beleefd van mijn bed om te groeten, maar de meesten lopen zo snel weer door, dat ik nu niet eens meer moeite doe mijn hoofd op te tillen. Zo ook wanneer er een man en een vrouw voor mijn cel blijven staan. Ze praten met een bewaker waarna de vrouw hurkt en me roept. Ik ben onzeker. Houd me klein. Dan komt er vanachter haar een kind tevoorschijn. In weerwil van mezelf schiet ik naar de deur. Hij aait me. Ik zucht. We spelen met een bal op de binnenplaats, wandelen een stukje. Dan komt de bewaker terug. Ik schrik.

“Rustig maar, jochie,” lacht de man. “Jij gaat mee naar huis!”

Gepubliceerd op 120w.nl

Hondenleven V

Geen idee hoe lang ik in mijn cel gezeten heb, maar vandaag mocht ik er plots uit. Ik werd overgebracht naar een behandelkamer en op een tafel geplaatst. De arts rommelde wat in laatjes en kastjes, en frummelde vervolgens wat aan mijn pijnlijke oor. Hij mompelde, maar ik kon niet verstaan wat hij zei. Na een aantal injecties legde ik mijn hoofd neer, uitgeput was ik. Nog nooit zo ontzettend moe geweest. Was dit dan het einde?

Blijkbaar niet, want al snel werd ik weer meegenomen en – na een korte wandeling op de binnenplaats – weer in mijn cel gestopt. Ik nam plaats op het bed, de maaltijd die voor mij klaar stond onaangeroerd, en sloot mijn ogen.
Wat een hondenleven.

Gepubliceerd op 120w.nl

Boom

Op de grens van twee provincies ruisen mijn takken in het Drents en goed Grunnings. Met mijn wortels diep in het voormalig veen zag ik edelen, boeren, turfstekers, schippers, simpele zielen en geniale geesten passeren. Maar nu zie ik enkel zielen en geesten, die zonder onderscheid zijn ontdaan van hun trots en waardigheid. Een invasie van uitgeputte en gebroken mensen trekt aan me voorbij. Bussen vol, op zoek naar een beter leven. Onder hen zijn ook de kleintjes, de kinderzielen. Die zou ik met mijn loofrijke takken willen omsluiten en dan fluisteren: geef het tijd, dan komt het goed. Maar ik weet wel beter. Hier ligt geen geluk voor het oprapen. Enkel papier en dode bladeren. Welkom in Ter Apel.

Gepubliceerd in weekwedstrijd Invasie op 120w.nl

Hondenleven IV

Weggebracht, zonder wederhoor veroordeeld en opgesloten. Mijn buren zijn luidruchtig en mijn cel steriel. Mijn oor klopt en mijn ogen prikken. Huilen doe ik niet, en niemand zal mij horen jammeren. Maar ik mis mijn gezin, en het enige huis dat ik ooit gekend heb. Is dit nu heimwee? Ik zou er alles voor over hebben om die deugnieten nog een keer te zien. Met ze ravotten en spelen met een bal. Ik zou de baby een knuffel willen geven. Wandelen met pa en ma. Maar ik ben bang dat ik op een doodlopende weg zit. Mijn cipiers laten af en toe woorden als agressief, oud en kansloos vallen. Ik heb levenslang, en weinig kans op parool.
Wat een hondenleven.

Gepubliceerd op  120w.nl

Hondenleven III

Ook al doe je nog zo je best, iedereen heeft een grens. Voor mij was die vandaag bereikt. Nadat ik een vinger in mijn neus, een pen in mijn oog en beten in mijn oor had doorstaan – waarschuwen mocht helaas niet baten – heb ik de tweeling voor het eerst serieus terechtgewezen. En dat had ik beter niet kunnen doen. Ma en pa gingen door het lint. Maar ze waren niet kwaad op de tweeling, nee. Ze moesten mij hebben.
Ma stond hysterisch te schreeuwen (waardoor de baby ook weer een keel opzette) en vervolgens heb ik de vuisten en voeten van pa van dichtbij leren kennen. Zoals het hoort heb ik om vergeving gevraagd. Maar niet gekregen.
Wat een hondenleven.

Gepubliceerd op 120w.nl

Hondenleven II

De baby is, aldus pa en ma, een ongelukje. Ze maakt een hoop kabaal. Ze is niet happy, dat snap ik zelfs. Maar om een of andere reden mag ik haar niet troosten.
De tweeling is ongeveer een jaar oud en heeft niet veel op met de baby. Dat uiten ze vooral door mij te jennen: prikken, porren, uitdagen. Pa en ma doen alsof ze het niet zien en grijpen niet in. Het is echter niet aan mij om dit gedrag te corrigeren ook al heb ik er de meeste last van. Daarom probeer ik hun gesar maar uit de weg te gaan. Dat lukt vaak niet, dus onderga ik het maar. Ik kan helaas weinig anders.
Wat een hondenleven.

Gepubliceerd op 120w.nl

Hondenleven I

Het zijn er vijf. Ma, pa een tweeling en een baby. Het contact met hen verloopt zeer stroef, maar ik heb niet echt het idee dat dat al te zeer aan mij ligt. Ik ben hier niet uit vrije wil, maar ik doe toch mijn best. En zoals het lieden van mijn soort betaamt, pas ik op de kleintjes en strooi ik bakken genegenheid in het rond. Dit in de hoop dat ik – ooit – de vruchten van die investering mag plukken. Maar ik krijg er steeds meer een hard hoofd in. Toen ik jonger was kreeg ik nog wel eens een presentje of complimentje. Maar tegenwoordig mag ik blij zijn met een maaltijd en vijf minuten buitenlucht.
Wat een hondenleven.

Gepubliceerd op 120w.nl